4,710 reviews

Noodsituatie, wat te doen? Vijf herkenbare voorbeelden uitgelegd

7 min lezen

Een tiener wacht bij een bushalte, met een rugzak waarop een ronde ICESCAN-sticker met noodgegevens zit

In het kort

  • Zorg eerst voor je eigen veiligheid en die van de ander, en bel 112 bij levensgevaar of letsel.
  • Vertel de meldkamer wat er aan de hand is, waar je bent en welke hulp nodig lijkt.
  • Daarna is het belangrijk de naasten te bereiken: een contactpersoon in noodgeval.
  • Wie zijn noodcontact bij zich draagt, maakt dat voor een helper veel makkelijker.

Een kind dat in de drukte zijn ouders kwijt is. Een loper die naast het fietspad op de grond zit. Een oudere man die de weg niet meer weet. Je wilt helpen, maar bij zo'n noodsituatie: wat te doen als je de persoon niet kent en niet weet wie je moet bellen?

In de meeste noodsituaties komt het neer op drie stappen. Zorg eerst dat het voor jou en de ander veilig is. Bel 112 als er levensgevaar is of iemand gewond is, en vertel wat er aan de hand is en waar je bent. Probeer daarna de naasten van die persoon te bereiken, want zij weten wie het is, wat er speelt en wat er nodig is.

Hieronder werken we die stappen uit in vijf voorbeelden. Ze zijn verzonnen, maar herkenbaar: ze beschrijven geen echte personen of klanten. Bij elk voorbeeld lees je wat je als omstander kunt doen, en wat de persoon zelf vooraf kan regelen.

Noodsituatie: wat te doen in de eerste minuten?

Volgens de Rijksoverheid bel je 112 bij spoed: in levensbedreigende situaties, bij een aanrijding met gewonden of als je een misdrijf ziet gebeuren. Vertel aan de telefoon:

  • wat er aan de hand is;
  • waar hulp nodig is;
  • welke hulpdienst nodig lijkt: politie, brandweer of ambulance.

Is er geen spoed, maar wil je de politie wel inschakelen, bel dan 0900-8844.

Daarnaast helpen een paar dingen bijna altijd:

  1. Blijf bij de persoon, of zorg dat iemand anders dat doet.
  2. Praat rustig en vertel wat je doet.
  3. Kijk of de persoon iets bij zich draagt met noodgegevens: een armband, een kaartje, een sticker of de noodinformatie op een telefoon.
  4. Bel de contactpersoon als je die vindt, zodat de naasten weten wat er is gebeurd en waar de persoon naartoe gaat.

Voorbeeld: een kind kwijt in de drukte

Stel: je loopt in een pretpark en ziet een meisje van een jaar of vijf huilend bij een draaimolen staan. Ze kent het telefoonnummer van haar ouders niet uit haar hoofd.

Wat je als omstander doet. Blijf bij haar, stel haar gerust en waarschuw een medewerker van het park, zodat die kan helpen zoeken. Draagt het kind een armband met noodgegevens, scan die dan en bel de ouders.

Wat ouders vooraf kunnen doen. Spreek een vaste plek af om naartoe te gaan als je elkaar kwijtraakt, en leer je kind om een medewerker of een andere ouder met kinderen aan te spreken. Een kinderarmband met NFC en QR maakt het voor wie je kind vindt makkelijk om jou meteen te bellen. Meer tips voor drukke uitjes staan in kind kwijt in het pretpark voorkomen.

Ben jij de ouder en vind je je kind niet terug? Volgens de politie kun je altijd contact opnemen als je denkt dat iemand vermist is. Bij een noodsituatie die direct politie-inzet vraagt, bel je 112.

Voorbeeld: onwel tijdens het sporten

Stel: je fietst langs een dijk en ziet een hardloper in het gras zitten. Hij is bleek, zweet en zegt dat hij zich duizelig voelt. Zijn telefoon zit op slot.

Wat je als omstander doet. Help hem om op een veilige plek te gaan zitten. Bij ernstige klachten, zoals pijn op de borst, benauwdheid of als hij wegzakt, bel je 112. Vraag of hij een contactpersoon heeft. Kijk ook of er een Medische ID of noodinformatie op zijn vergrendelscherm staat, of een armband om zijn pols.

Wat sporters vooraf kunnen doen. Laat iemand weten welke route je loopt, neem een opgeladen telefoon mee en zorg dat je noodcontact te vinden is zonder je telefoon te ontgrendelen. Een zwarte SOS-armband is licht en blijft zitten tijdens het lopen. Alle tips lees je in alleen hardlopen, wandelen en fietsen: tien tips.

Voorbeeld: een verwarde oudere op straat

Stel: het is een koude avond en bij de supermarkt staat een oudere vrouw in een dunne jas. Ze weet niet goed waar ze woont en wordt onrustig als je vragen stelt.

Wat je als omstander doet. Blijf rustig en vriendelijk, en neem de tijd. Neem haar mee naar een warme plek als dat kan. Kijk of ze iets bij zich draagt met een naam of telefoonnummer, bijvoorbeeld een broche op haar jas, een kaartje in haar tas of een armband. Kun je niemand bereiken en maak je je zorgen, bel dan de politie. Is er direct gevaar, bel 112.

Wat naasten vooraf kunnen doen. Mensen met dementie kunnen gaan dwalen. Het helpt als buren en winkeliers in de buurt weten wie het is en wie ze kunnen bellen. Een goudkleurige broche met NFC en QR op een jas of vest valt minder op dan een armband en is voor een helper toch te vinden. Wat je nog meer kunt doen, lees je in dwalen bij dementie.

Voorbeeld: een val met de fiets

Stel: een wielrenner glijdt in een natte bocht onderuit. Hij is aanspreekbaar, maar verward en heeft een wond aan zijn hoofd. Er staan twee wandelaars bij die hem niet kennen.

Wat je als omstander doet. Zorg dat jullie veilig staan, buiten het verkeer. Bel 112 bij hoofdletsel, verwardheid of als iemand niet goed aanspreekbaar is. Blijf bij hem en houd hem gezelschap tot er hulp is.

Wat fietsers vooraf kunnen doen. Een sticker met noodgegevens op de helm is een logische plek, omdat je die juist draagt als er iets kan gebeuren. Hoe en waar je die plakt, lees je in noodgegevens op je fietshelm.

Voorbeeld: een hond die is weggelopen

Stel: op een bospad komt een spaniël zonder baasje naar je toe. Hij heeft een halsband om met een penning.

Wat je als vinder doet. Kijk of er een telefoonnummer op de penning staat of dat je hem kunt scannen, en bel de eigenaar. Staat er niets op, meld de hond dan als gevonden bij het landelijke meldpunt en bel de dierenambulance of een dierenarts; die kunnen de chip uitlezen.

Wat baasjes vooraf kunnen doen. Zorg dat de chip goed geregistreerd staat en hang een penning met je telefoonnummer aan de halsband. Het complete stappenplan staat in hond kwijt: wat doe je in de eerste uren.

Waarom een contactpersoon in noodgeval zo belangrijk is

In alle vijf de voorbeelden komt hetzelfde terug: wie helpt, wil de naasten bereiken. Een ouder, partner, zoon of dochter weet wie de persoon is, kan medische vragen beantwoorden en kan naar het ziekenhuis of de plek komen.

Juist dat is vaak het lastigste. Een kind kent geen nummers uit het hoofd, een telefoon zit op slot, een hond kan niets vertellen. Hoe je een noodcontact in je telefoon zet, lees je in een ICE nummer instellen. Daarnaast kun je je noodgegevens op iets zetten wat je altijd bij je draagt.

Een ICESCAN is zo'n drager: een armband, sleutelhanger, sticker, broche of dierenpenning met een NFC-chip en een QR-code. Wie je helpt, scant hem met een eigen telefoon, ziet in de browser de gegevens die jij hebt ingevuld en belt of mailt je contactpersonen met één tik. Je kunt er tot vijf contactpersonen op zetten. Een app is niet nodig, en de drager heeft geen batterij. De telefoon van wie scant, heeft wel internet nodig. Alle varianten vind je in de winkel.

Hoe kies je een goede contactpersoon?

  • Iemand die bereikbaar is, ook overdag en in het weekend.
  • Iemand die je goed kent, en weet welke medicijnen je gebruikt en wie je huisarts is.
  • Iemand die het goed vindt. Vraag het vooraf en bespreek wat je contact mag doorgeven.
  • Meer dan één. Zet een tweede of derde contact erbij voor als de eerste niet opneemt.

Veelgestelde vragen

Mag ik als omstander in iemands spullen kijken voor noodgegevens?

Als iemand niet zelf kan antwoorden, is het begrijpelijk dat je zoekt naar een naam of contactpersoon. Doe dat met respect, het liefst in het bijzijn van een andere omstander, en kijk alleen naar wat je nodig hebt: een armband, een kaartje, de noodinformatie op het vergrendelscherm. Zijn hulpdiensten onderweg, laat het verdere zoeken dan aan hen over.

Wat als ik de contactpersoon bel en die niet opneemt?

Spreek een kort bericht in met je naam, wat er is gebeurd, waar de persoon is of naartoe wordt gebracht en je eigen nummer. Probeer daarna een tweede contactpersoon als die er is. Blijf intussen bij de persoon, of draag de zorg over aan de hulpdiensten als die er zijn.

Wat moet een contactpersoon weten voordat er iets gebeurt?

Een contactpersoon moet in elk geval weten dat hij of zij als noodcontact is opgegeven. Handig is ook dat hij je medicijnen, allergieën, aandoeningen en huisarts kent, en weet wie er verder ingelicht moet worden. Spreek af wat hij aan hulpverleners mag vertellen, en eventueel het wachtwoord van afgeschermde gegevens.

Zijn de voorbeelden in dit artikel echte gebeurtenissen?

Nee. De vijf situaties zijn verzonnen om te laten zien wat je kunt doen. Ze beschrijven geen echte personen, klanten of ervaringen. De adviezen over 112 en de politie komen van de websites van de Rijksoverheid en de politie. Voor medische vragen ga je altijd naar je huisarts, of bel je bij spoed 112.

Past bij dit artikel

Alle ICESCANs
  • Armband 19 cm

    Volwassenen · zwart

    Nu € 29,95 Normale prijs € 34,95

  • Broche

    Goudkleurig · voor op je jas

    Nu € 29,95 Normale prijs € 34,95